9 minuten leestijd
Heb je pijn langs je scheenbeen tijdens hardlopen, wandelen of springen? Bij verspreide pijn aan de binnenrand kan sprake zijn van shinsplints, ook wel mediaal tibiaal stresssyndroom (MTSS) genoemd. Scheenbeenpijn kan echter ook een andere oorzaak hebben. De plek, het ontstaan en het verloop van de pijn helpen om het verschil te beoordelen.
Bij TopFysio Leeuwarden onderzoeken we je klachten en bespreken we welke aanpak past bij je dagelijkse activiteiten, werk en sport.
Maak een afspraak of bel 058 844 6222.
Je hebt geen verwijzing nodig. We reageren binnen één werkdag.

Scheenbeenpijn kan zeurend, stekend of gevoelig aanvoelen. Sommige mensen merken de pijn alleen tijdens sporten. Bij anderen blijft het onderbeen ook daarna gevoelig.
Je kunt bijvoorbeeld last hebben van:
Niet al deze klachten passen automatisch bij MTSS. Eén kleine, zeer pijnlijke plek op het bot vraagt om een andere beoordeling dan verspreide gevoeligheid langs de binnenrand. Ook tintelingen, gevoelsverlies en krachtsverlies zijn belangrijk om te melden.
Shinsplints of shin splints is een bekende naam voor pijn langs het scheenbeen. Vroeger werd deze term voor verschillende onderbeenklachten gebruikt. Bij het kenmerkende klachtenpatroon aan de binnenrand spreken zorgverleners van mediaal tibiaal stresssyndroom, afgekort MTSS.
MTSS geeft meestal verspreide pijn langs de binnenrand van het onderste deel van het scheenbeen, iets naar achteren. Het drukgevoelige gebied is doorgaans minimaal vijf centimeter lang. De klachten hangen samen met herhaalde beenbelasting, zoals hardlopen en springen. Daarbij kunnen het scheenbeen zelf en de weefsels langs de binnenrand overbelast raken.
De pijn kan tijdens of na inspanning ontstaan en daarna nog uren tot dagen aanwezig blijven. MTSS kan aan één been of aan beide benen voorkomen.
Je komt ook de naam scheenbeenvliesontsteking tegen. Die naam beschrijft het klachtenbeeld onvoldoende: MTSS is niet simpelweg een ontsteking van het botvlies.
De plaats van de pijn geeft richting, maar is op zichzelf niet genoeg voor een diagnose.
Kun je één kleine, duidelijk pijnlijke plek op het scheenbeen aanwijzen? Dan moet een botstressblessure, zoals een stressfractuur, worden overwogen. Een stressfractuur is een breukje door herhaalde belasting.
Ook toenemende pijn, zwelling, rustpijn of nachtpijn zijn redenen voor beoordeling. Zeurende pijn in rust betekent niet automatisch dat je een stressfractuur hebt, maar past niet bij een klacht waarmee je zonder onderzoek moet blijven doortrainen.
Een stressfractuur kan niet met één lichamelijke test worden uitgesloten. Bij verdenking kan een arts aanvullend onderzoek, zoals een MRI, nodig vinden.
Ontstaat bij een vergelijkbare inspanning telkens een drukkend, gespannen of brandend gevoel? Soms met tintelingen of krachtverlies? Dit kan passen bij chronische drukopbouw in een spiercompartiment: het chronisch compartimentsyndroom van het onderbeen (CECS).
De klachten nemen vaak af na stoppen. Omdat andere oorzaken een vergelijkbaar patroon kunnen geven, blijft onderzoek nodig.
Zenuwpijn rond het scheenbeen kan samengaan met tintelingen, een brandend gevoel of minder gevoel in de huid. Ook slepen met de tenen of moeite met het optillen van de voet kan wijzen op een zenuwprobleem. Laat deze klachten beoordelen. Bij plotseling of toenemend krachtsverlies is snelle medische beoordeling nodig.
Zit de pijn vooral in de spieren aan de achterkant van het onderbeen? Lees dan verder over pijn in de kuit.
Bij MTSS kan de herhaalde belasting groter zijn dan het onderbeen op dat moment aankan. Dat kan bijvoorbeeld gebeuren wanneer je na een rustige periode snel weer veel gaat lopen of springen.
We kijken onder meer naar:
Ook slaap, voeding en algemene gezondheid kunnen relevant zijn voor herstel. Bij mogelijke botstress bespreken we bijvoorbeeld eerdere stressfracturen, onvoldoende eten in verhouding tot de sportbelasting en eventuele menstruatieveranderingen.
Een bepaalde voetstand, naar binnen zakken van de voet of een harde ondergrond is niet automatisch dé oorzaak. We beoordelen zulke factoren in samenhang met je klachten en belasting.
We bespreken wanneer de pijn begon, waar je deze voelt en wat er gebeurt tijdens en na belasting. Ook je werk, trainingsopbouw, herstel en eerdere blessures komen aan bod.
Bij het lichamelijk onderzoek vergelijken we beide onderbenen. We bekijken de huid en eventuele zwelling en voelen waar het scheenbeen en de omliggende spieren gevoelig zijn.
Afhankelijk van je klachten onderzoeken we kracht, beweeglijkheid, gevoel en doorbloeding. Wanneer passend beoordelen we ook bewegingen zoals een squat, kuitheffing, lopen of hardlopen. Soms onderzoeken we het onderbeen opnieuw direct nadat je de herkenbare klachten hebt opgewekt, bijvoorbeeld door te lopen, springen of hardlopen. Zo kunnen veranderingen in pijn, spanning, kracht, gevoel en doorbloeding beter zichtbaar worden.
De bevindingen helpen om de waarschijnlijkste oorzaak te bepalen. Niet iedere aandoening kan met lichamelijk onderzoek met zekerheid worden aangetoond of uitgesloten. Als medische beoordeling nodig is, bespreken we de vervolgstap.

De behandeling sluit aan op de vermoedelijke oorzaak en jouw doel. Zonder klachten een werkdag doorkomen vraagt iets anders dan weer kunnen hardlopen of voetballen.
We bespreken welke activiteiten je tijdelijk kunt verminderen en wat je wel kunt blijven doen. Daarbij kijken we naar de totale belasting uit sport, werk en dagelijkse beweging.
Wanneer een behandeling de klachten vermindert, kan dat het bewegen en oefenen gemakkelijker maken. Daarna bouwen we de belasting stap voor stap verder op. Het verminderen van de pijn is daarbij geen einddoel, maar een voorwaarde om weer toe te werken naar je dagelijkse activiteiten, werk of sport. Bij sport kan de opbouw bijvoorbeeld verlopen van wandelen en rustig hardlopen naar langere trainingen, springen, versnellen en sprinten.
We beoordelen steeds hoe je onderbeen tijdens en na de belasting reageert en passen de opbouw daarop aan. Zo werken we toe naar je dagelijkse activiteiten, werk of sport op het niveau dat bij jouw doel past.
Je oefenprogramma sluit aan op wat uit het onderzoek naar voren komt. Denk aan kracht van kuit en voet, beweeglijkheid van de enkel of controle vanuit knie en heup.
Bij terugkeer naar sport kan sportfysiotherapie helpen om de opbouw af te stemmen op de eisen van jouw sport.

Wanneer daar vanuit het onderzoek aanleiding toe is, bekijken we ook je looptechniek en schoeisel. Bij een voetstand of bewegingspatroon dat de belasting van het onderbeen mogelijk beïnvloedt, kunnen individueel aangemeten zolen soms helpen. In onze praktijk zien we daar goede resultaten mee wanneer de zolen na zorgvuldig onderzoek door een ervaren podotherapeut worden aangemeten. Zolen zijn geen standaardbehandeling voor iedereen met scheenbeenpijn.
Voor compressiekousen is niet overtuigend aangetoond dat ze het herstel van MTSS versnellen. Sommige sporters ervaren tijdelijk steun of comfort, maar compressiekousen herstellen de overbelaste structuren niet en vervangen het aanpassen en geleidelijk opbouwen van de belasting niet.
Het bewijs voor afzonderlijke behandelingen bij MTSS is beperkt. Daarom volgen we hoe pijn, functioneren en belastbaarheid zich ontwikkelen en passen we het plan zo nodig aan.
Blijft verbetering uit, dan beoordelen we opnieuw of de vermoedelijke diagnose en aanpak nog passen. Zo nodig adviseren we aanvullend medisch onderzoek.
TopFysio heeft meer dan twintig jaar ervaring met dry needling. Wanneer naast scheenbeenpijn duidelijke spierklachten, verhoogde spierspanning of pijnlijke triggerpoints aanwezig zijn, kunnen we dry needling aanvullend overwegen.
Het doel is dan de spierklachten te verminderen, zodat bewegen en oefenen gemakkelijker worden. We gebruiken deze behandeling alleen wanneer het onderzoek daar aanleiding toe geeft.
Dry needling herstelt geen botstress of stressfractuur en vervangt bij MTSS het aanpassen en opbouwen van belasting niet. Het is ook geen behandeling voor CECS, een zenuwinklemming of een vaatprobleem.
Pas activiteiten aan wanneer de pijn duidelijk toeneemt. Alleen een paar dagen rust nemen en daarna meteen je oude trainingsschema hervatten kan opnieuw klachten geven.
Deze stappen kunnen helpen:
Er is geen algemeen pijncijfer waarmee iedereen veilig kan blijven trainen. Bij plaatselijke botpijn, rustpijn of een afwijkend verloop is eerst beoordeling nodig.
Koelen kan de pijn tijdelijk verdoven, maar het is niet aangetoond dat scheenbeenpijn of MTSS daardoor sneller herstelt. Langdurig of herhaald koelen kan mogelijk processen remmen die het lichaam nodig heeft voor herstel. Bovendien kan de tijdelijke pijnvermindering ervoor zorgen dat je het onderbeen te snel weer zwaar belast. Daarom adviseren we koelen niet als behandeling van de oorzaak.
Een afspraak is zinvol wanneer scheenbeenpijn terugkomt, je activiteiten beperkt of onvoldoende afneemt na aanpassing van je belasting. Ook als je twijfelt hoe je wandelen, werk of sport weer kunt opbouwen, kunnen we met je meekijken.
We onderzoeken of fysiotherapeutische begeleiding passend is en of er aanwijzingen zijn voor een oorzaak die eerst medisch beoordeeld moet worden.
Laat scheenbeenpijn medisch beoordelen bij zeer plaatselijke botpijn, rust- of nachtpijn, zwelling, snel toenemende pijn, gevoels- of krachtsverlies of wanneer je niet goed meer kunt belasten.
Belemmert scheenbeenpijn je bij wandelen, werken of sporten? Bij TopFysio onderzoeken we wat er speelt en welke belasting je onderbeen aankan. Samen maken we een plan dat past bij je klachten en je doelen.
Maak een afspraak of bel 058 844 6222.
Je hebt geen verwijzing nodig. We reageren binnen één werkdag.
Pijn in het onderbeen: overzicht van verschillende onderbeenklachten.
Pijn in de kuit: wanneer de pijn vooral aan de achterkant zit.
Compartimentsyndroom van het onderbeen (CECS): bij terugkerende druk, spanning of brandende pijn tijdens inspanning.
Scheenbeenpijn beschrijft waar je pijn voelt en kan verschillende oorzaken hebben. Shinsplints wordt meestal gebruikt voor het klachtenpatroon van MTSS: verspreide pijn langs de binnenrand van het scheenbeen bij herhaalde belasting. Niet alle scheenbeenpijn is dus MTSS.
MTSS geeft doorgaans een verspreid pijnlijk gebied van minimaal vijf centimeter langs de binnenrand van het onderste deel van het scheenbeen. De pijn hangt samen met lopen of springen en kan na inspanning aanhouden. Voor een diagnose beoordelen we ook het ontstaan, verloop en lichamelijk onderzoek.
Dat verschilt per persoon. De klachtenduur, ernst, dagelijkse belasting en mogelijkheden om te herstellen spelen mee. Het verminderen van pijn betekent bovendien niet altijd dat je alweer volledig kunt sporten. De opbouw stemmen we af op je functioneren en de reactie op belasting.
Dat hangt af van de oorzaak en ernst. Soms is aangepast hardlopen mogelijk, soms is tijdelijk stoppen nodig. Bij plaatselijke botpijn, rustpijn of toenemende klachten is eerst beoordeling verstandig. Ga niet door alleen omdat de pijn na het warmlopen afneemt.
Een kleine, duidelijk aanwijsbare pijnplek op het bot kan daarbij passen, vooral wanneer de pijn toeneemt, ook in rust aanwezig is of belasten steeds moeilijker wordt. Deze kenmerken bewijzen geen stressfractuur. Medische beoordeling en soms beeldvorming zijn nodig om dit verder te onderzoeken.
Dry needling kan aanvullend worden overwogen bij bijkomende spierklachten of pijnlijke triggerpoints. Het behandelt geen botstress of stressfractuur. Bij MTSS blijven een passende belasting en geleidelijke opbouw belangrijk.
Medische check en expertise: Deze pagina is opgesteld door TopFysio Leeuwarden op basis van actuele richtlijnen, wetenschappelijke literatuur en klinische expertise in fysiotherapie, sportfysiotherapie en revalidatie.