5 minuten leestijd
Bij TopFysio Leeuwarden helpen we hardlopers en duursporters om het verschil te herkennen, de juiste behandeling te kiezen en weer pijnvrij te bewegen.
Maak een afspraak of bel 058 844 6222
Je hebt geen verwijzing nodig. We reageren binnen 1 werkdag.

Een compartimentsyndroom ontstaat wanneer de druk in een spiercompartiment te hoog oploopt tijdens inspanning. Hierdoor vermindert de doorbloeding tijdelijk en ontstaat pijn of tinteling. Herkenbare symptomen zijn:
Zit de pijn vooral verspreid langs de binnenrand van het scheenbeen en blijft deze na inspanning langer aanwezig? Lees meer over scheenbeenpijn en shinsplints (MTSS).
Ontstaat de pijn ook buiten inspanning of blijft de kuit langdurig gespannen? Lees dan meer over pijn in de kuit.
Bij een vermoeden van CECS starten we meestal met uitleg, het doseren van de belasting en een actief behandeltraject. Een drukmeting is niet standaard nodig om met deze aanpak te beginnen.
We onderzoeken bij welke activiteit de klachten ontstaan, hoe snel dit gebeurt en wat er na stoppen verandert. De behandeling kan bestaan uit:

Oefeningen worden gekozen op basis van gevonden beperkingen in kracht, beweeglijkheid of bewegingscontrole. Bij de opbouw naar hardlopen en sport kan sportfysiotherapie helpen om de belasting af te stemmen op je doelen en de reactie van het onderbeen.

Wanneer naast het inspanningsgebonden klachtenpatroon ook verhoogde spierspanning of pijnlijke triggerpoints aanwezig zijn, kan dry needling worden overwogen. Dry needling behandelt deze bijkomende spierklachten, maar verlaagt niet aantoonbaar de compartimentdruk en verhelpt CECS niet rechtstreeks.
Het wetenschappelijke bewijs voor afzonderlijke conservatieve behandelingen bij CECS is beperkt. Daarom volgen we hoe de pijn, het functioneren en de belastbaarheid zich ontwikkelen en stellen we de aanpak zo nodig bij.
Is er na ongeveer twaalf weken onvoldoende vooruitgang, dan kan verwijzing naar een specialist met ervaring in inspanningsgebonden onderbeenklachten verstandig zijn. Een drukmeting kan daar worden overwogen, vooral wanneer een operatie wordt besproken. De uitslag moet altijd samen met het klachtenpatroon en ander onderzoek worden geïnterpreteerd.
Houd bij na hoeveel tijd of afstand de klachten ontstaan en hoe snel ze na stoppen afnemen. Deze informatie helpt bij het onderzoek.
Welke oefeningen en opbouw passend zijn, hangt af van het klachtenpatroon en de bevindingen bij het onderzoek.
Heb je het gevoel dat de pijn in je onderbeen je training steeds meer belemmert, of twijfel je of het om CECS of shin splints gaat? Een sportfysiotherapeut kan gericht onderzoeken wat de oorzaak is en welke behandeling het beste past bij jouw situatie.
Bel direct de huisarts of huisartsen-spoedpost bij plotselinge hevige of snel toenemende pijn die na stoppen niet afneemt, vooral na een ongeval of letsel. Doe dit ook wanneer de voet koud of bleek wordt of gevoelsverlies of krachtsverlies niet verdwijnt. Dit past niet bij het gebruikelijke verloop van CECS en moet met spoed medisch worden beoordeeld.
Neem contact op met TopFysio Leeuwarden wanneer:
Maak dan een afspraak of bel 058 844 6222
Je hebt geen verwijzing nodig. We reageren binnen 1 werkdag.
Scheenbeenpijn en shinsplints: geeft vaak pijn langs de binnenrand van het scheenbeen tijdens of na belasting.
Pijn in de kuit: behandelt vooral geleidelijk ontstane spiergerelateerde kuitklachten zonder duidelijk letselmoment.
Pijn in het onderbeen: helpt verschillende oorzaken van onderbeenpijn van elkaar te onderscheiden.
Beide kunnen pijn tijdens hardlopen veroorzaken. Bij CECS staan druk, spanning of brandende pijn tijdens inspanning vaak op de voorgrond, soms met tintelingen of krachtsverlies. Bij MTSS zit de pijn meestal verspreid langs de binnenrand van het scheenbeen en kan deze na inspanning langer aanhouden. Het klachtenpatroon geeft richting, maar is niet voldoende voor een zekere diagnose. Lees meer over scheenbeenpijn en shinsplints (MTSS).
Het verloop verschilt. Sommige mensen merken verbetering na het aanpassen en geleidelijk opbouwen van de belasting. Bij anderen blijven de klachten bestaan. Als er na ongeveer twaalf weken begeleiding onvoldoende vooruitgang is, kan verwijzing naar een specialist verstandig zijn.
Het klachtenpatroon, lichamelijk onderzoek en zo nodig onderzoek direct na inspanning geven richting. Een drukmeting is geen zekere gouden standaard. Deze wordt vooral overwogen bij aanhoudende klachten en wanneer een operatieve behandeling wordt besproken.
Daarvoor bestaat geen betrouwbare vaste termijn. Het verloop hangt af van de ernst, klachtenduur, gekozen behandeling en reactie op belasting. Na zes en twaalf weken kan worden beoordeeld of pijn, functioneren en belastbaarheid verbeteren.
Dat hangt af van de ernst en het moment waarop de klachten ontstaan. Soms is aangepast hardlopen mogelijk. Wanneer pijn, tintelingen of krachtsverlies toenemen, moet de belasting worden verminderd en is nader onderzoek verstandig.
Houd bij na hoeveel tijd of afstand de klachten ontstaan en hoe snel ze na stoppen afnemen. Verminder tijdelijk de duur of intensiteit van de activiteit die de klachten oproept en forceer niet bij toenemende pijn, tintelingen of krachtsverlies. Welke oefeningen en opbouw passend zijn, hangt af van het klachtenpatroon en de onderzoeksbevindingen.
Medische check en expertise: Deze pagina is opgesteld door TopFysio Leeuwarden op basis van actuele richtlijnen, wetenschappelijke literatuur en klinische expertise in fysiotherapie, sportfysiotherapie en revalidatie.
Richtlijnendatabase – Inspanningsgebonden pijnsyndromen van het onderbeen
Nederlandse multidisciplinaire richtlijn over de diagnostiek en behandeling van onder meer CECS.
Richtlijnendatabase – Conservatieve behandelingen
Aanbevelingen over uitleg, belastingdosering, oefentherapie en evaluatie na zes en twaalf weken.
Richtlijnendatabase – Drukmeting bij inspanningsgebonden pijnsyndromen
Beschrijft wanneer een compartimentdrukmeting kan worden overwogen en welke beperkingen dit onderzoek heeft.
Richtlijnendatabase – Aanvullend onderzoek
Adviezen over klachtenprovocatie, beeldvorming en verwijzing bij aanhoudende inspanningsgebonden onderbeenklachten.